Eric slaat eigen piketpaaltjes

Landmeter Eric‘Als je een schuin talud moet meten dan is alles wat je eigenlijk weten moet de stelling van Pythagoras.’ Ik ben vandaag op stap met geodeet ofwel landmeter Eric Prast (43) van JHSW die me uitlegt over de basisbeginselen van zijn werk. Voor een opdrachtgever in de groenvoorziening zijn we op een groot terrein in Andijk waar in kaart moet worden gebracht hoeveel vierkante meter gazon en bestrating er is, zodat het onderhoud hiervan op een goed manier kan worden doorberekend aan de eigenaar van het terrein. Met een satellietontvanger die op een lange meetstok met waterpas is bevestigd en een computertje (in vaktaal het veldboek) struint Eric alle hoeken van het terrein af. Dure apparatuur, want het setje wat hij nu bij zich heeft kost al snel over de 10.000 euro. “Maar het echte kapitaal zit hier binnenin hé” , wijst hij met zijn vinger naar zijn voorhoofd. “Het is belangrijk dat je ruimtelijk inzicht hebt en dat je logisch kunt nadenken.” Honderden meters hekDat je daarvoor geen wiskundenerd hoeft te zijn bewees Eric zelf. Na het VWO waarin hij een verhoogde interesse had voor Aardrijkskunde ging hij Aardwetenschappen studeren. Hij behaalde alle vakken feilloos maar het wilde maar niet lukken met statistiek en wiskunde. Na twee jaar was het genoeg voor hem. Hij kende iemand die Geodeet was en dat leek hem altijd al een leuk beroep. Toen hij een advertentie tegenkwam reageerde hij en werd aangenomen als assistent Geodeet. Assistenten waarvoor tegenwoordig door alle technologische ontwikkelingen steeds minder vraag naar is. “Voorheen deed je het inmeten vaak met twee man en zag je pas op kantoor met computer de daadwerkelijke afbeelding van een opgemeten terrein. Nu zie ik dat meteen op mijn schermpje verschijnen. ”Vandaag hoeft alleen inzicht in de oppervlakte gegeven te worden, maar het komt ook heel vaak voor dat de hoogtes belangrijk zijn om te meten.” Joost als geodeetEric werd na zijn interne opleiding al heel snel landmeter en deed de afgelopen 20 jaar voornamelijk het maatvoeren. “Daarbij werk je vaak vanaf bouwtekeningen en door piketpaaltjes te slaan weet de opdrachtgever precies waar hij kan gaan werken. Stel dat een gemeente bijvoorbeeld een weg wil aanleggen. Dan wil ze weten wat er in de grond zit om eventueel te verwijderen en hoeveel materialen benodigd zijn voor ondermeer bestrating en trottoirs.” Het maatvoeren is wat fysieker van aard dan het landmeten. Eind 2010 koos Eric voor een andere werkgever waarbij hij zich nu meer bezig houdt met laatstgenoemde waarbij je juist de grond in kaart brengt en op basis daarvan een tekening kan overleggen aan de opdrachtgever. “Het landmeten is nog wat afwisselender en ik vind het ook wel fijn dat het wat minder fysiek van aard is.” zegt Eric met een snijdende wind in ons gezicht waaiend en met temperaturen van 5 graden onder het vriespunt. “Daarnaast vind ik het heel leuk dat je zichtbaar resultaat van je werk ziet.”

Er zijn nog geen reacties. Reageer als eerste!

Reageer